9-9-2008. Grote Muur in Mutianyu, Zomerpaleis en de Pekingopera.
Om zes uur opgestaan. Op de kamer wat gegeten en gedronken en om 7 uur met de groep naar de Changcheng in Mutianyu gereden. Maar allereerst natuurlijk handen geschud met de mensen van de groep, die we nog niet kennen. Driek, Inez, Daniël, Evelien en Robin. Wim en Anke kenden we dus al.
De rit de stad uit laat zeer vele hoge flatgebouwen zien. Ouderwetse bunkers met lelijke airconditioning units buiten op de muren, maar zeer ook hypermoderne architectuur hoogstandjes. Later komen we door landelijk gebied. Tegen half tien komen we op een parkeerplaats aan, kopen kaartjes voor de Muur en de cabinebaan, die ons in een rap tempo door dichte nevels naar boven brengt. Een eerste muur komt uiteindelijk uit de nevels opduiken en even later staan we er op. Wij lopen dan van wachttoren 14 tot iets voorbij toren 3. Onderweg is het steeds dalen en klimmen over het brede pad. Dan even kijken hoe door de volgende toren te komen en weer door. Door de langzaam dunner wordende nevel hebben we prachtige uizichten over de kronkelende muur.
Om kwart voor elf draaien we op een uitermate steile trap weer om. Net voorbij toren 3 wordt het idioot steil. Her en der zien we op de terugweg de andere groepsleden. Gezamenlijk lopen we het pad bij toren 8 omlaag. Een gemakkelijk begaanbaar pad. Daar zijn aardig wat grote spinnen in de dennentaken boven het pad. Aan een van de souvenirstallen beneden koop ik voor Y15 een T-shirt.
Op de terugweg naar het hotel, rijden we even langs het olympisch stadion het Birdsnest. Vervolgens rijden we naar een groot restaurant, waar Dao Peng een graag geziene gast is (was?). 14.00. De lunch aan de grote draaitafel is klasse.
We gaan na het eten door naar het Zomerpaleis Yiheyuan, waar we om 14.55 aankomen.
We lopen daar allereerst langs het meer naar de marmeren boot van keizerin-weduwe Cixi. Rechts is een lange wandelgalerij met vele schilderingen uit Chinese verhalen. Steeds zijn er weer tempeltjes, de Heuvel van Lang Leven met het Gouden Berg Paleis. Op het meer varen drakenboten af en aan naar een eilandje. Als we de marmeren boot voorbij zijn, zien we een man in een waterdicht pak tot aan zijn nek in het water staan. Als Tineke hem fotografeert gooit hij een grote lotuszaaddoos naar haar toe. Ze is daar freet mee. Intussen moeten we geregeld de paraplu’s opsteken.
Om 16.50 zijn we terug bij de ingang en zoeken de bus weer op om terug naar het hotel te gaan. We douchen het zweet weg, rusten uit, eten wat alvorens om 7 uur met Wim, Anke, Daniël en Helen naar de Peking Opera voorstelling te gaan. Het giet weer buiten. Taxi's stoppen niet en uiteindelijk rijden we met bus 6 naar het theater Huguang Huiguan. We krijgen plaats aan een tafeltje met thee en wat pruimen, zoutjes en koek in een prachtig zaaltje.
Dit uurtje opera is in tweeën gedeeld door een pauze. Voor de pauze zien we een meisje dat een "mama" probeert in te schakelen om een stille liefhebber in te palmen. Na de pauze gaat het over de apenkoning, die van de zeekoning een wapen mag uitkiezen. Hij test allerlei wapens en komt uiteindelijk bij een loodzware (5000kg zware "naald" uit, een 1,5 m lange stok. Daarmee neemt hij het op tegen diverse figuren (koning, soldaten en bedienden). Alleen koning Aap is sterk genoeg om dat ding te hanteren.
Als we na afloop terug rijden met de bus, hoost het al weer. In het hotel worden de foto's bekeken en het verhaal bijgeschreven.